“Als je zelf geen plezier hebt in dit werk, dan kan je dat plezier ook niet overbrengen.”

“Als je zelf geen plezier hebt in dit werk, dan kan je dat plezier ook niet overbrengen.”

Dianne en Ilse over een vak waarin bewegen begint met aandacht

Wie Dianne en Ilse aan het werk ziet, merkt al snel dat hun vak om veel meer draait dan oefeningen geven. Ze helpen bewoners en ouderen uit de regio om te blijven bewegen, maar hebben daarbij net zo goed oog voor de persoon achter de oefening. Rondom het bewegen ontstaan gesprekken, groeit vertrouwen en leren ze mensen steeds beter kennen.

Samen met hun collega’s Jordy, Emiel en Asghar werken Dianne en Ilse op verschillende locaties van Zorggroep Ter Weel. De ene ochtend begeleiden ze mensen in de fitness, op een ander moment ondersteunen ze fysiotherapeuten bij oefentrajecten of geven ze een beweegactiviteit op een afdeling.

Geen dag is hetzelfde

Dat schakelen maakt hun werk afwisselend. Daarbij kijken ze steeds naar wat iemand nodig heeft en aankan. Niet iedereen in een groep kan namelijk dezelfde oefening uitvoeren. 

Ilse vertelt over een mevrouw die haar handen niet kan gebruiken en haar voeten nog maar een klein beetje. Bij een spel met een bal krijgt zij daarom geen stok. Ilse zet haar beensteunen opzij, zodat ze met haar voet tegen de bal kan schoppen. Zo kan ze toch meedoen.

Dat aanpassen is een belangrijk onderdeel van hun werk. Dianne en Ilse letten tijdens het bewegen voortdurend op wat veilig en haalbaar is en zoeken naar een manier waarop iemand zo veel mogelijk zelf kan blijven doen.

Je wilt iemand niet beperken omdat iets op de gewone manier niet lukt, dan kijk je juist naar wat er wél mogelijk is.
Ilse

Ook werken de bewegingsspecialisten nauw samen met de fysiotherapeuten. Ze begeleiden bijvoorbeeld mensen bij minder complexe oefentrajecten en hebben door de jaren heen veel kennis opgedaan in de praktijk. Daarbij combineren ze hun kennis van bewegen met goed kijken, luisteren en begeleiden.

Bewegen is voor iedereen anders

Wat iemand nodig heeft van bewegen, verschilt sterk. In het verpleeghuis kan het bijvoorbeeld gaan om kleine bewegingen die helpen om dagelijkse handelingen zo lang mogelijk zelf te blijven doen. In het verzorgingshuis begeleiden Dianne en Ilse bewoners die graag zo lang mogelijk willen blijven lopen, bijvoorbeeld met een rollator. In de seniorenfitness komen weer mensen met heel andere doelen.

Sommigen komen om hun spierkracht te behouden, anderen vooral voor het sociale contact. Ook begeleiden de bewegingsspecialisten mensen die na een longrevalidatietraject verantwoord willen blijven bewegen. Ze kijken daarom niet alleen naar wat iemand fysiek kan, maar vooral naar wat bewegen voor die persoon kan betekenen.

Dat sociale aspect vinden Dianne en Ilse minstens zo belangrijk. Sommige deelnemers gaan na het sporten samen koffiedrinken. Zeker voor iemand die alleen woont, kan zo'n vast moment in de week veel betekenen. “Dan hebben ze toch weer even een beetje aanspraak, een beetje de sociale contacten,” vertellen ze.

Aandacht maakt het verschil

Bewegen is maar een deel van het contact dat Dianne en Ilse met mensen hebben. Zeker in de seniorenfitness leren ze deelnemers vaak goed kennen. Mensen delen er ook persoonlijke dingen en soms heeft iemand vooral behoefte om zijn verhaal kwijt te kunnen.

Die betrokkenheid zit vaak in kleine dingen. Als iemand langere tijd ziek is, sturen ze een kaartje waarop anderen uit de groep iets kunnen schrijven. Als een deelnemer of diens partner overlijdt, sturen ze ook een kaart en proberen ze, als dat mogelijk is, naar de uitvaart te gaan.

Door dat contact raken ze betrokken bij wat er in iemands leven speelt. Soms komt iemand verdrietig binnen en vertrekt diegene na het sporten of een goed gesprek met een ander gevoel. Voor Dianne en Ilse hoort die persoonlijke aandacht net zo goed bij hun werk als het begeleiden van een oefening.

Samen zorgen voor een glimlach

Soms zien Dianne en Ilse tijdens een activiteit direct wat bewegen met iemand doet. Een mooi voorbeeld is het ballonvolleybal in het verpleeghuis. Bewoners die daarvoor nog rustig in de huiskamer zaten, kunnen ineens helemaal opleven zodra het net en de ballon tevoorschijn komen.

“Dan worden ze ineens heel erg wakker en fanatiek,” vertelt Dianne. Er wordt gelachen, aangemoedigd en enthousiast naar de ballon geslagen. De bewoners kijken ernaar uit en merken het meteen als de activiteit een keer niet doorgaat.

Voor Dianne en Ilse zit daar veel van de betekenis van hun werk in. Iemand laten bewegen is belangrijk, maar het plezier dat daarbij ontstaat minstens zo. Of zoals ze het zelf zeggen: “Als je zelf geen plezier hebt in dit werk, dan kan je dat plezier ook niet overbrengen.”